Citaat | Rechtbank Utrecht 15 februari 2012

Alinea 748 Rechtbank Utrecht 15 februari 2012

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 15 februari 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BV3753.

4.61. [gedaagde sub 1] is gezien zijn formele en materiële positie binnen Fortis niet persoonlijk aansprakelijk voor de gevolgen van het niet openbaar maken van het (te verwachten) resultaat van de EC-Remedies. Dat [gedaagde sub 1] uit de informatie die hij op 6 juni 2008 heeft gekregen, niet heeft afgeleid dat er sprake was van KGI als het gaat om de EC-Remedies, is niet zodanig persoonlijk verwijtbaar dat daaruit aansprakelijkheid zou moeten volgen. Om te kunnen bepalen of hier sprake was van KGI, is immers onder meer noodzakelijk dat een inschatting wordt gemaakt van de kans dat er voor de verkoop aan Deutsche Bank nog een alternatief is. Die inschatting was gezien de afstand van [gedaagde sub 1] tot het verkoopproces en degenen die daarbij waren betrokken, niet goed zelfstandig te maken. In de e-mail van 6 juni 2008 van [gedaagde sub 2] aan de hand waarvan [gedaagde sub 1] is geïnformeerd, wordt nog gesproken over ‘possible impact of EC-Remedies’, zodat het ook op die wijze aan [gedaagde sub 1] zal zijn gepresenteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85eac5c53268226a7e6f2d3d2554772061a8d0816526535684686eaf19257814. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85eac5c53268226a7e6f2d3d2554772061a8d0816526535684686eaf19257814, en de alinea staat in dat document op bytes 236034 tot 237091.