Citaat | Rechtbank Utrecht 17 februari 2012
Alinea 37 Rechtbank Utrecht 17 februari 2012
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 17 februari 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BV9076.
20. De rechtbank overweegt als volgt. Verweerder heeft in redelijkheid de in de Beleidsregels opgenomen boetenormbedragen kunnen vaststellen, zodat hij deze bij de vaststelling van de hoogte van de boete als uitgangspunt dient te nemen. Gelet op de aard van het te nemen besluit zal verweerder bij de besluitvorming in het concrete geval echter ook het in artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) neergelegde evenredigheidsbeginsel in acht dienen te nemen. Dit betekent dat verweerder zich bij het vaststellen van de hoogte van een boete moet afvragen of de uit de boetenormbedragen voortvloeiende boete, gelet op alle omstandigheden van het geval, evenredig is aan het door de wetgever beoogde doel. Tot de omstandigheden van het geval behoren in ieder geval de aard en de ernst van de overtreding, de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten en de omstandigheden waaronder deze is gepleegd. Wanneer het toepassen van het boetenormbedrag niet evenredig is, is matiging van dit bedrag passend en geboden (zie de uitspraak van de ABRvS van 30 juni 2010, LJN: BN0426).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5c3752eb4d4fcf2b96f90814b747f23ee75244fab501d16d13fce215f96b7ddd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5c3752eb4d4fcf2b96f90814b747f23ee75244fab501d16d13fce215f96b7ddd, en de alinea staat in dat document op bytes 21081 tot 22187.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5c3752eb4d4fcf2b96f90814b747f23ee75244fab501d16d13fce215f96b7ddd | shasum -a 256