Citaat | Rechtbank Utrecht 2 november 2012
Alinea 48 Rechtbank Utrecht 2 november 2012
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 2 november 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BY4350.
4.6. Nu niet aannemelijk is geworden dat [eiser] de uitlatingen van vorig jaar november 2011 bedrijfsbreed heeft uitgedragen, hij hiervoor zijn excuses aan [B] heeft aangeboden en dit bovendien al enige tijd geleden is, zal de kantonrechter dit niet meewegen in de beoordeling voor deze non-actiefstelling. Ten aanzien van de incidenten die daarna door [eiser] zijn aangekaart en in het rapport van [naam] zijn beschreven is de kantonrechter van oordeel dat ook deze geen rol mogen spelen in de beoordeling, omdat dit een vertrouwelijk rapport betreft dat bovendien niet in deze procedure is overgelegd en [eiser] - zoals door hemzelf is aangevoerd - de incidenten die aanleiding zijn geweest voor het instellen van het onderzoek door [naam] in hoedanigheid van ondernemingsraadlid heeft aangekaart, als gevolg waarvan terughoudend moet worden omgegaan met arbeidsrechtelijke consequenties die daaraan lijken te worden verbonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbe06ccb4a9c8dced8049655406ad1b69822c680b7d3fa7d76dadc0f713c3716. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbe06ccb4a9c8dced8049655406ad1b69822c680b7d3fa7d76dadc0f713c3716, en de alinea staat in dat document op bytes 14331 tot 15273.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbe06ccb4a9c8dced8049655406ad1b69822c680b7d3fa7d76dadc0f713c3716 | shasum -a 256