Citaat | Rechtbank Zutphen 27 november 2002
Alinea 100 Rechtbank Zutphen 27 november 2002
Een alinea uit Rechtbank Zutphen 27 november 2002, ECLI:NL:RBZUT:2002:AF1214.
Door de officier van justitie is betoogd dat verdachte door zijn handelwijze ( ter plaatse bekend zijnde en met een aanzienlijke snelheidsoverschrijding aan de linkerzijde een middengeleider passerend ) zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat een ander, te weten [slachtoffer], hierdoor is komen te overlijden. Ondanks dit ernstig verwijtbare gedrag van verdachte, is de rechtbank van oordeel dat de vraag of hier sprake is van opzet in de zin van voorwaardelijk opzet ontkennend moet worden beantwoord of anders gezegd het verwijtbare gedrag in de visie van de rechtbank in dit geval meer in de schuldsfeer dan in de opzetsfeer ligt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab8cc29a489445a8534b08c6c481cb19f3e4de0af80bb9521310b5b43e2e753f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab8cc29a489445a8534b08c6c481cb19f3e4de0af80bb9521310b5b43e2e753f, en de alinea staat in dat document op bytes 11833 tot 12513.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ab8cc29a489445a8534b08c6c481cb19f3e4de0af80bb9521310b5b43e2e753f | shasum -a 256