Citaat | Rechtbank Zutphen 22 november 2011

Alinea 149 Rechtbank Zutphen 22 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Zutphen 22 november 2011, ECLI:NL:RBZUT:2011:BU5326.

De verdachte zal tevens worden verwezen in de door de benadeelde partij [slachtoffer B] gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op € 300,-. De benadeelde partij heeft onder de post staffel incassokosten kanton een bedrag van € 535,50 gevorderd. Dergelijke kosten komen niet onverkort voor vergoeding in aanmerking. De rechtbank komt tot toekenning van een lager bedrag. Bij de bepaling van de hoogte van dit bedrag wordt aangesloten bij de 'Aanbevelingen behandeling civiele schadevordering in het strafproces', zoals die zijn overgenomen door het LOVS (Landelijk overleg van voorzitters van de strafsectoren van de gerechtshoven en de rechtbanken). In die aanbevelingen is - kort gezegd - bepaald, dat indien de benadeelde partij gebruik maakt van een advocaat, de omvang van de proceskosten (honorarium advocaat) wordt begroot aan de hand van het kanton liquidatietarief. In deze zaak wordt aldus toegekend: 2 punten à € 150,00. Dit brengt met zich dat de meer gevorderde incassokosten in deze procedure niet voor vergoeding in aanmerking komen en zullen worden afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f58fa6c1270a12b5974472bdfb8fd34588a27636b874a84afc8485ac439f7677. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f58fa6c1270a12b5974472bdfb8fd34588a27636b874a84afc8485ac439f7677, en de alinea staat in dat document op bytes 37654 tot 38822.