Citaat | Rechtbank Zutphen 29 juni 2011
Alinea 33 Rechtbank Zutphen 29 juni 2011
Een alinea uit Rechtbank Zutphen 29 juni 2011, ECLI:NL:RBZUT:2011:BU5688.
De onderbouwing in het verzoekschrift dat de rechtbank in de bodemprocedure bij wijze van voorlopig oordeel tot de conclusie kwam dat een bedrag van ca. € 200.000,-- toewijsbaar zou zijn, en mogelijk meer, is in beginsel onvoldoende. In de eerste plaats gaat het om een voorlopig oordeel. Daarnaast maakt dat oordeel geen onderdeel uit van de discussie van partijen en kunnen daaraan geen rechten worden ontleend. Gelet echter op hetgeen ter zitting is besproken maakt de vrouw de voorlopige conclusies van de rechtbank tot de hare, in die zin dat zij haar voorlopige vordering op dezelfde wijze onderbouwt. De aspecten die daarbij meespelen zijn de volgende:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1616a2f32dc8f1b9e97a1dcf01f954ae1718ffd99a2839080d264e7329945551. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1616a2f32dc8f1b9e97a1dcf01f954ae1718ffd99a2839080d264e7329945551, en de alinea staat in dat document op bytes 14064 tot 14738.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1616a2f32dc8f1b9e97a1dcf01f954ae1718ffd99a2839080d264e7329945551 | shasum -a 256