Citaat | Rechtbank Zutphen 19 oktober 2011

Alinea 96 Rechtbank Zutphen 19 oktober 2011

Een alinea uit Rechtbank Zutphen 19 oktober 2011, ECLI:NL:RBZUT:2011:BU5839.

4.7. Het betoog van NGN c.s. dat het recht van de maatschap om mededeling te doen van het pandrecht op grond van de redelijkheid en billijkheid dient te wijken voor het belang van NGN c.s., wordt eveneens gepasseerd. NGN c.s. heeft onvoldoende aangevoerd om aan te nemen dat gebruikmaking van het recht om van het pandrecht mededeling te doen in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (artikel 6:248 BW). Zoals hiervoor is overwogen, moet ervan worden uitgegaan dat NGN c.s. de toegestane kredietlimiet van de rekening-courant heeft overschreden en dat de maatschap bevoegd was tot inning van de vorderingen van de debiteuren van NGN c.s. Niet kan worden gezegd dat de maatschap geen belang heeft bij het doen van de mededeling op de grond dat zij niet bevoegd zou zijn om zich uit de geïnde bedragen te voldoen. De maatschap zal zich hierover met de bank hebben te verstaan als zij dat al niet gedaan heeft en in elk geval is de maatschap niet de hoeder van de belangen van de bank. Ook het feit dat NGN c.s. door de mededelingen in liquiditeitsproblemen komt, kan er niet toe leiden dat de maatschap had moeten afzien van het doen van mededeling aan de debiteuren van NGN c.s.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ec1d9068ecdd2add40dda1368d6265799f89c8db3ce20be8bdf3a175c6ed105. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ec1d9068ecdd2add40dda1368d6265799f89c8db3ce20be8bdf3a175c6ed105, en de alinea staat in dat document op bytes 26548 tot 27800.