Citaat | Rechtbank Zutphen 10 april 2012
Alinea 199 Rechtbank Zutphen 10 april 2012
Een alinea uit Rechtbank Zutphen 10 april 2012, ECLI:NL:RBZUT:2012:BW1489.
Ten aanzien van feit 1 heeft ze betoogd dat verdachte voor 1 april 2008 niet kan worden aangemerkt als marktdeelnemer omdat onvoldoende duidelijk is welke verantwoordelijkheden hij precies had en wanneer zijn functie als stagiair is overgegaan in een functie als verantwoordelijke en zelfstandig handelende werknemer. De raadsvrouw heeft verder naar voren gebracht dat uit het dossier kan worden afgeleid dat er regelmatig met medeverdachte [medeverdachte A] is gesproken over de richtlijnen betreffende verdachte transacties en dat aan hem informatie is verstrekt. Onvoldoende kan echter worden vastgesteld dat verdachte daar bij betrokken is geweest. Niet kan worden bewezen dat verdachte iets heeft geweten van de transacties met de goederen die op de tenlastelegging zijn opgenomen. Van opzet is geen sprake. Voorts is volgens de raadsvrouw geen sprake van een nauwe en bewuste samenwerking en een gezamenlijke uitvoering, zoals is vereist voor medeplegen, en kon [medeverdachte A] worden gezien als de aangewezen persoon om verdachte transacties te melden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca73de2ff9e464c5992cfb2387eeae78dc0f581e2fc00243a618da5a5a087e35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca73de2ff9e464c5992cfb2387eeae78dc0f581e2fc00243a618da5a5a087e35, en de alinea staat in dat document op bytes 24203 tot 25277.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca73de2ff9e464c5992cfb2387eeae78dc0f581e2fc00243a618da5a5a087e35 | shasum -a 256