Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 juni 2013

Onder 2.21. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 juni 2013

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 juni 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:5880.

Het is dus aan belanghebbende om aannemelijk te maken dat het niet aan haar te wijten was dat [A BV] geen rechtsgeldige melding van de betalingsonmacht heeft gedaan. Belanghebbende heeft daarvoor gesteld dat zij geen kennis had van de ondeugdelijke afspraken die met het uitzendpersoneel zijn gemaakt en de te hoge kilometervergoedingen waarop de naheffingsaanslagen zijn gebaseerd. Volgens belanghebbende werden deze afspraken gemaakt door een door haar aangetrokken deskundige dan wel de ingeschakelde administrateur/adviseur. De ontvanger heeft deze stelling betwist. Volgens de ontvanger zijn de activiteiten van [A BV] op dezelfde wijze doorgegaan na het overlijden van de aangetrokken deskundige. Tevens heeft de ontvanger gesteld dat belanghebbende ook zelf personeel heeft aangenomen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende met haar enkele stelling, tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door de ontvanger, niet aannemelijk gemaakt dat het niet aan haar te wijten was dat [A BV] niet op de juiste wijze aan haar meldingsplicht heeft voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf8a63f77e3aaf87778ac2ffd705bafeb5ce0cbb9adc58694426862d86f36dc9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf8a63f77e3aaf87778ac2ffd705bafeb5ce0cbb9adc58694426862d86f36dc9, en de alinea staat in dat document op bytes 34631 tot 35717.