Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 19 mei 2014
Onder 6.3 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 19 mei 2014
Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 19 mei 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:3256.
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan doodslag. Door [slachtoffer] meermalen te steken, vervolgens te wurgen en hem zand in de mond en neus te stoppen, is [slachtoffer] op gruwelijke wijze komen te overlijden. Verdachte heeft daardoor [slachtoffer] het meest fundamentele recht ontnomen: het recht op leven. Dit heeft voor de nabestaanden van [slachtoffer] onherstelbaar leed en verdriet gebracht. De zus van [slachtoffer] heeft op zitting op indringende wijze verteld hoeveel verdriet zij en haar ouders nog altijd hebben van het overlijden van haar broer en hun zoon en hoe haar wereld in elkaar is gestort. Aan te nemen valt dat zij het leed nog lang, mogelijk de rest van haar leven, zal ervaren. Het doden van [slachtoffer] en de wijze waarop verdachte dit heeft gedaan, dragen een voor de rechtsorde schokkend karakter en brengen in de samenleving in het algemeen, en de persoonlijke omgeving van [slachtoffer] in het bijzonder, gevoelens van angst en onveiligheid teweeg.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a91eb3fa985e120450aab70b03e673443cc86cbc9d7cc5c99c851a767e9f069. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a91eb3fa985e120450aab70b03e673443cc86cbc9d7cc5c99c851a767e9f069, en de alinea staat in dat document op bytes 27049 tot 28045.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4a91eb3fa985e120450aab70b03e673443cc86cbc9d7cc5c99c851a767e9f069 | shasum -a 256