Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 23 mei 2016

Onder 5.3.2 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 23 mei 2016

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 23 mei 2016, ECLI:NL:RBZWB:2016:3060.

De verdediging heeft zich uitdrukkelijk verweerd tegen de stelling van de officier van justitie dat verdachte in zijn bekentenissen heeft laten zien te beschikken over zogeheten daderkennis: dat wil zeggen kennis van feiten van het misdrijf die alleen de dader van dit misdrijf kan weten. De verdachte heeft betoogd dat het onzin is dat er sprake zou zijn van daderkennis in zijn bekentenissen. Alle details over de moord heeft hij ter plekke in Marbella verzonnen en waren gebaseerd op informatie die hij al tot zijn beschikking had uit het dossier Eem I en zijn eigen waarnemingen destijds op de plaats delict.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/247d87b584e2272a9dc3e5c9082d340cef91e78559519f843e8a5c58776d5974. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 247d87b584e2272a9dc3e5c9082d340cef91e78559519f843e8a5c58776d5974, en de alinea staat in dat document op bytes 102334 tot 102960.