Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 29 juni 2016

Onder 3.18. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 29 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 29 juni 2016, ECLI:NL:RBZWB:2016:3984.

De rechtbank is van oordeel dat [eiser] voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een zo ernstige aantasting van het woongenot, dat deze heeft geleid tot een aantasting in zijn persoon. Uit de in rechtsoverweging 3.11 ook al genoemde verklaring van de psycholoog blijkt dat de zeer ernstige overlast die [eiser] van [gedaagden] heeft ondervonden consequenties heeft gehad voor het psychisch welzijn en welbevinden van [eiser] . Deze verklaring ondersteunt derhalve in voldoende mate de rechtsgrond voor de onderhavige vordering. Verder rechtvaardigt de bijzondere ernst van de normschending, het bevuilen van de eigendommen van [eiser] met (menselijke) uitwerpselen gedurende een lange periode, toekenning van een immateriële schadevergoeding, zij het niet in de omvang zoals door [eiser] is gevorderd. De rechtbank oordeelt een vergoeding van € 5.000,00 ter zake van smartengeld redelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd4ccf732ddf36034af55ce1772a64baeb27e317d020315a8fec4d1928c31528. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd4ccf732ddf36034af55ce1772a64baeb27e317d020315a8fec4d1928c31528, en de alinea staat in dat document op bytes 22947 tot 23864.