Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 juli 2018

Onder 2.7. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 juli 2018

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 juli 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:4600.

Na invoering van artikel 28c van de IW is bij uitsluiting de ontvanger bevoegd om bij voor bezwaar vatbare beschikking vast te stellen of en in hoeverre invorderingsrente wordt vergoed in verband met in strijd met het Unierecht geheven belasting. Pas daarna kan de belastingrechter aan de beoordeling van die beschikking inzake invorderingsrente toekomen. Deze procedure gaat niet over een (uitspraak op bezwaar betreffende een) dergelijke beschikking van de ontvanger. Dit betekent dat de rechtbank in deze procedure niet bevoegd is een uitspraak te doen over de verzochte rentevergoeding. Een en ander volgt uit het arrest HR 3 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:341. Weliswaar ging het in dat arrest om een teruggaaf als gevolg van een vermindering van een naheffingsaanslag, maar een en ander geldt ook in het geval sprake is van teruggaaf van op aangifte voldane belasting en belanghebbende meent dat hij recht heeft op meer rentevergoeding dan uit de AWR voortvloeit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/abdadfbe3c596ba65f81cd8ff2d8813c3d0c7aca906ba8aa0923ca5fa183d3c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt abdadfbe3c596ba65f81cd8ff2d8813c3d0c7aca906ba8aa0923ca5fa183d3c5, en de alinea staat in dat document op bytes 10754 tot 11797.