Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 september 2018
Onder 4.4 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 september 2018
Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 september 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:5152.
De rekeningen, die weliswaar niet op naam van verdachte stonden, maar wel op zijn adres geleverd moesten worden, werden aangetroffen in een koffer bij de moeder van medeverdachte [medeverdachte 3] . Zij verklaarde dat zij op verzoek van haar zoon een koffertje met papieren van verdachte in bewaring had genomen. Foto’s van de meubels in de woning van verdachte werden door een medewerker van [meubelzaak] herkend als de meubels die op de betreffende rekeningen stonden. De rechtbank gaat er aldus vanuit dat het verdachte is geweest die voornoemde meubelen contant heeft afgerekend. Gelet op de criminele activiteiten van verdachte, zijn beperkte legale inkomsten en aangezien verdachte geen concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand volstrekt onwaarschijnlijke verklaring heeft gegeven over de herkomst van het geld waarmee de meubelen zijn gekocht, kan het niet anders zijn dan dat deze geldbedragen van misdrijf afkomstig waren en dat verdachte dit heeft geweten. Aldus kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het voorhanden hebben van meubelen, terwijl verdachte wist dat deze middellijk (want betaald met opbrengsten van de criminele activiteiten van verdachte) uit misdrijf afkomstig zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a313d07f3beee61c100ec01bc32ef66131e021deab58dd377ac75404ea7a33ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a313d07f3beee61c100ec01bc32ef66131e021deab58dd377ac75404ea7a33ea, en de alinea staat in dat document op bytes 89839 tot 91090.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a313d07f3beee61c100ec01bc32ef66131e021deab58dd377ac75404ea7a33ea | shasum -a 256