Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 februari 2019
Onder 2.26. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 februari 2019
Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 februari 2019, ECLI:NL:RBZWB:2019:801.
Of beantwoording van de door de rechtbank voorgelegde prejudiciële vragen, met uitzondering van de tweede, derde en vijfde prejudiciële vraag van de eerste Rb-beslissing, inderdaad mogelijk is zonder het antwoord van het Hof van Justitie af te wachten, hangt (echter) vanzelfsprekend af van de beoordeling door de Hoge Raad. Met ‘voor zover dat mogelijk is’ bedoelt de rechtbank dus voor zover sprake is van kwesties die niet (mede) uitlegging van het recht van de Europese Unie vergen of waarbij voor zover dat laatste wel het geval is de uitlegging van dat recht voldoende duidelijk is. Dit laatste lijkt bijvoorbeeld het geval te zijn bij de beantwoording van de eerste prejudiciële vraag die bij de eerste Rb-beslissing is voorgelegd. Ook bijvoorbeeld de prejudiciële vragen betreffende de betekenis van rechtsoverweging 84 van het arrest Fidelity Funds voor de Nederlandse dividendbelastingproblematiek lijkt – gelet op de conclusie Wattel c.q. ervan uitgaande dat de kernkwestie of een wettelijke basis vereist is om de voorwaarde van een ‘uitgangsbelasting’ te kunnen stellen, een nationaalrechtelijke is – beantwoord te kunnen worden zonder het antwoord van het Hof van Justitie af te wachten op de gehandhaafde vragen, maar geheel duidelijk is dat niet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb72e494ae2f3a5700dc2786d5a6303f7ad95ac9a152605493e379205dc0b70. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb72e494ae2f3a5700dc2786d5a6303f7ad95ac9a152605493e379205dc0b70, en de alinea staat in dat document op bytes 56763 tot 58054.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fdb72e494ae2f3a5700dc2786d5a6303f7ad95ac9a152605493e379205dc0b70 | shasum -a 256