Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020

Onder 12.2. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020, ECLI:NL:RBZWB:2020:254.

De rechtbank ziet in de beroepen geen reden om aan die conclusie te twijfelen. Naar het oordeel van de rechtbank valt niet in te zien waarom voor de berekening van de parkeerbehoefte en de verkeersgeneratie had moeten worden uitgegaan van gesplitste hotelkamers. Naar het oordeel van de rechtbank is in de ruimtelijke onderbouwing voldoende toegelicht dat bij een eventuele splitsing van een aantal suites nog steeds aan de door de gemeenteraad gestelde parkeernorm wordt voldaan, waarbij is opgemerkt dat die mogelijkheid zuiver theoretisch is. Het college is echter gehouden om te beslissen op de aanvraag zoals die aan hem is voorgelegd. Aangevraagd is 39 hotelkamers, en daar is dus ook bij de berekening van de parkeerbehoefte en de verkeersgeneratie terecht van uitgegaan. Zoals ook in de stedenbouwkundige randvoorwaarden is neergelegd, is de capaciteit van de parkeergarage bepalend voor het maximale programma van hotelkamers en voorzieningen dat gerealiseerd kan worden. Daarmee is voldoende gewaarborgd dat de voorgeschreven parkeernorm niet zal worden overschreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/734f16cd72fea7a0c0cc96bace13aca67f1d0ce2290275f58b14f81f154110e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 734f16cd72fea7a0c0cc96bace13aca67f1d0ce2290275f58b14f81f154110e4, en de alinea staat in dat document op bytes 71485 tot 72576.