Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020

Alinea 62 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 20 januari 2020, ECLI:NL:RBZWB:2020:254.

4. Een natuurlijk persoon dient, om als belanghebbende bij een besluit in de zin van de Awb te kunnen worden aangemerkt, volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRS) – bijvoorbeeld de uitspraak van 27 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4007 – een voldoende objectief en actueel, eigen en persoonlijk belang te hebben dat hem in voldoende mate onderscheidt van anderen en dat rechtstreeks wordt geraakt door het bestreden besluit. Zoals de AbRS eerder heeft overwogen (uitspraak van 30 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1546), heeft de wetgever de eis van een rechtstreeks belang gesteld, teneinde te voorkomen dat een ieder, in welke hoedanigheid ook, of een persoon met slechts een verwijderd of indirect belang als belanghebbende zou moeten worden beschouwd en een rechtsmiddel zou kunnen instellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/734f16cd72fea7a0c0cc96bace13aca67f1d0ce2290275f58b14f81f154110e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 734f16cd72fea7a0c0cc96bace13aca67f1d0ce2290275f58b14f81f154110e4, en de alinea staat in dat document op bytes 18959 tot 19818.