Citaat | Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 september 2024

Onder 4.5. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 september 2024

Een alinea uit Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 september 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:6599.

[naam 1] stelt verder dat hij, ondanks zijn uitschrijving op het adres, nooit het gehuurde heeft verlaten en altijd met [naam 2] en de kinderen in de woning heeft samengewoond. Het adres waar hij tussen 2016 en 2023 stond ingeschreven, diende slechts als postadres. Beveland Wonen betwist deze feitelijke stellingen, maar niet dat de vordering van [naam 1] mogelijk kans van slagen heeft als de door [naam 1] gestelde feiten komen vast te staan. Gezien de belangen van de kinderen zal de kantonrechter in dit kort geding daarom oordelen dat [naam 1] gebruik mag blijven maken tot dat er in de bodemprocedure is beslist. Het begrijpelijke belang van Beveland Wonen bij eerlijke verdeling van haar schaarse sociale huurwoningen, maakt dit niet anders. Daarbij weegt mee dat de met dit vonnis te treffen voorlopige voorziening slechts voor een korte termijn geldt nu de bodemprocedure al aanhangig is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b192bc0602921898f47e66e9952c81e2b8816c0828005c6b39ff78f861fa4f1e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b192bc0602921898f47e66e9952c81e2b8816c0828005c6b39ff78f861fa4f1e, en de alinea staat in dat document op bytes 13651 tot 14573.