Citaat | Raad van State 13 januari 2000

Alinea 47 Raad van State 13 januari 2000

Een alinea uit Raad van State 13 januari 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AA4601.

2.7.4. Ten slotte neemt de Afdeling in overweging dat de raad wel aandacht heeft besteed aan de belangen van de personen op de sollicitantenlijst. De raad heeft zich echter terecht op het standpunt kunnen stellen dat deze belangen een weinig concreet en onzeker karakter hebben, waaraan geen doorslaggevende betekenis toekomt. Deze belangen betreffen mogelijke. toekomstige inkomsten in het geval er een plaats op de markt vrij zou komen. Er is geen sprake van concrete verliezen of investeringen, doch enkel van de teloorgang van (onzekere) verwachtingen. Onder deze omstandigheden is er geen grond voor nadeelcompensatie. In dit verband merkt de Afdeling nog op dat de bepaling van de ingangsdatum van de daadwerkelijke opheffing van de Bloemenmarkt per 1 oktober 1994 niet onredelijk is, gelet op het feit dat de oorspronkelijke beslissing van de raad tot opheffing van de Bloemenmarkt dateert van 3 november 1993.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d15934fa6484fd1fd47e45bb92621e4e035b0c03220db5877d5a43c1fdd21e86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d15934fa6484fd1fd47e45bb92621e4e035b0c03220db5877d5a43c1fdd21e86, en de alinea staat in dat document op bytes 20647 tot 21577.