Citaat | Raad van State 11 mei 2000

Alinea 24 Raad van State 11 mei 2000

Een alinea uit Raad van State 11 mei 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AA6821.

2.3.1. De rechtbank heeft voorts terecht overwogen dat het enkele feit dat het in dit geval om een oud plan ging nog niet met zich brengt dat het reeds om die reden voor [bezwaarde] voorzienbaar was dat het planologische regime zou gaan wijzigen. Als zelfstandige grond kan dit aspect de beslissing op bezwaar niet dragen. Dit feit dient wel mee te wegen als relevante omstandigheid bij de bepaling van de voorzienbaarheid. In aanmerking genomen dat [bezwaarde] in het plangebied, [lokatie], gelegen gronden eind jaren tachtig heeft verkocht om de vestiging van een bedrijventerrein aldaar mogelijk te maken, had [bezwaarde] kunnen en moeten voorzien dat een algemene wijziging in het toenmalige planologische regime zou kunnen optreden, wat door haar overigens ook niet wordt betwist. Partijen verschillen van mening over het antwoord op de vraag of deze voorzienbaarheid van een planologische verandering in het desbetreffende gebied in het algemeen, in dit geval voldoende reden is om de planschade voor rekening van [bezwaarde] te laten. De rechtbank heeft deze vraag ontkennend beantwoord en daartoe overwogen dat het perceel [adres] is gelegen binnen de bebouwde kom, dat het in het algemeen niet voor de hand ligt dat bouwplaatsen binnen die kom vervallen en dat niet is gebleken dat daarover in het geval van [bezwaarde] anders moet worden gedacht. Daarbij heeft de rechtbank van belang geacht dat de aanleg van het bedrijventerrein op zichzelf geen invloed heeft op de mogelijkheden voor woningbouw in de omgeving van het perceel [adres]. De Afdeling kan de rechtbank hierin volgen. Uit de beslissing op bezwaar en de daaraan ten grondslag gelegde stukken blijkt ook naar het oordeel van de Afdeling onvoldoende dat [bezwaarde] rekening had moeten houden met de kans dat specifiek ten aanzien van het onderhavige perceel [adres] een wijziging in negatieve zin zou plaatsvinden. Door de nadruk te leggen op de ouderdom van het plan en op de ontwikkelingen met betrekking tot het bedrijventerrein en deze aspecten aldus kennelijk als belangrijkste afwijzingsgrond te hanteren, heeft appellant de beslissing op bezwaar onvoldoende gemotiveerd. Deze beslissing is daarmee genomen in strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbdae291845dd4768857e807e654ec5689991323b63ca0195fbe7f22d821627b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbdae291845dd4768857e807e654ec5689991323b63ca0195fbe7f22d821627b, en de alinea staat in dat document op bytes 9216 tot 11495.