Citaat | Raad van State 3 december 2001
Alinea 27 Raad van State 3 december 2001
Een alinea uit Raad van State 3 december 2001, ECLI:NL:RVS:2001:AD8707.
2.3.2. In het licht van deze uitgangspunten bestaat geen grond voor het oordeel dat de staatssecretaris zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat geen sprake is van klemmende redenen, als bedoeld in de wet. De door de president vermelde omstandigheden dat de vreemdeling een alleenstaande Mandese vrouw is en de Mandese geloofsgemeenschap in Noord-Irak zeer gering in omvang is, leveren geen zodanige grond op, nog daargelaten dat de vreemdeling ten tijde van haar vertrek uit Bagdad niet alleenstaand was, doch bij een tante verbleef. Aan de omstandigheid dat de vreemdeling, zoals zij stelt, in Noord-Irak alleenstaand zou zijn, komt in dit verband niet de betekenis toe die zij daaraan gehecht wenst te zien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f680a8ce3ead2099a71f8b0a08c6995e9864c8c8253317afcbdc53c409668f05. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f680a8ce3ead2099a71f8b0a08c6995e9864c8c8253317afcbdc53c409668f05, en de alinea staat in dat document op bytes 10764 tot 11516.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f680a8ce3ead2099a71f8b0a08c6995e9864c8c8253317afcbdc53c409668f05 | shasum -a 256