Citaat | Raad van State 8 mei 2002

Alinea 23 Raad van State 8 mei 2002

Een alinea uit Raad van State 8 mei 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE2428.

2.1. De president heeft met juistheid geconstateerd dat volgens de letterlijke tekst van artikel 5, in samenhang met de artikelen 3 en 4, van het Mandaatsbesluit van 4 april 2001, Stcrt. 5 april 2001, nr. 68, de beslissing op bezwaar niet door de teamleider rechtsbescherming, maar door de directeur juridische zaken ondertekend had moeten worden. Appellant heeft aangevoerd dat hier sprake was van een kennelijke fout in het mandaatsbesluit en dat wel bedoeld was de teamleider rechtsbescherming een ondertekeningsmandaat voor door appellant genomen beslissingen op bezwaar te geven. Daartoe heeft hij in de eerste plaats gewezen op de niet sluitende redactie van artikel 5, voornoemd, waardoor de tekst van deze bepaling deels onbegrijpelijk is. Voorts heeft hij erop gewezen dat de teamleider rechtsbescherming zowel ingevolge het aan het Mandaatsbesluit voorafgaande besluit van 17 augustus 1998 (Stcrt. nr. 158) als ingevolge het nadien geldende mandaatsbesluit van 29 mei 2001 (Strct. nr. 103) bevoegd was namens appellant beslissingen op bezwaar te ondertekenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e35d26a7a441a6d0ebd1b2337bae59ef22118a332b366608deb60427b668d024. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e35d26a7a441a6d0ebd1b2337bae59ef22118a332b366608deb60427b668d024, en de alinea staat in dat document op bytes 6126 tot 7212.