Citaat | Raad van State 19 juni 2002
Alinea 22 Raad van State 19 juni 2002
Een alinea uit Raad van State 19 juni 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE4344.
2.1. Appellant betoogt allereerst dat er tijdens de procedure bij de rechtbank onvoldoende gelegenheid is geweest om verweer te voeren nu bij de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening de indruk is gewekt dat de uitspraak in de hoofdzaak niet tezamen met de uitspraak op het verzoek zou worden gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3, en de alinea staat in dat document op bytes 6380 tot 6711.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3 | shasum -a 256