Citaat | Raad van State 19 juni 2002

Alinea 23 Raad van State 19 juni 2002

Een alinea uit Raad van State 19 juni 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE4344.

Ingevolge artikel 8:86, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) kan de president, indien hij van oordeel is dat na de zitting, als bedoeld in artikel 8:83, eerste lid, nader onderzoek redelijkerwijs niet kan bijdragen aan de beoordeling van de zaak, onmiddellijk uitspraak doen in de hoofdzaak, indien het verzoek om een voorlopige voorziening wordt gedaan indien beroep bij de rechtbank is ingesteld. Partijen zijn, overeenkomstig artikel 8:86, tweede lid, op deze bevoegdheid in de uitnodiging, bedoeld in artikel 8:83, eerste lid, van 26 april 2001 gewezen. Toestemming van partijen is daarvoor niet vereist. Appellant had derhalve met deze mogelijkheid rekening behoren te houden. Zijn betoog faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3, en de alinea staat in dat document op bytes 6731 tot 7484.