Citaat | Raad van State 19 juni 2002

Alinea 24 Raad van State 19 juni 2002

Een alinea uit Raad van State 19 juni 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE4344.

2.2. Appellant betoogt tevergeefs dat de president heeft miskend dat burgemeester en wethouders de keuze voor het opleggen van een dwangsom hadden behoren te motiveren. Dat burgemeester en wethouders in dit geval hebben gekozen voor het instrument van de dwangsom en niet voor het aanzeggen van bestuursdwang behoeft geen afzonderlijke motivering. Artikel 5:32 van de Awb biedt het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het toepassen van bestuursdwang de keuze voor het opleggen van een last onder dwangsom, met dien verstande dat voor het opleggen van een dwangsom niet wordt gekozen indien het belang dat het betrokken voorschrift beoogt te beschermen zich daartegen verzet. Dit laatste is niet het geval nu niet valt in te zien dat de belangen die worden beschermd door het voorschrift dat het verboden is de in het bestemmingsplan begrepen gronden en opstallen in strijd met de bestemming te gebruiken, in dit geval aan de oplegging van een dwangsom in de weg staan. Voorts is de Afdeling met de president van oordeel dat burgemeester en wethouders in hun besluit van 10 juli 2000 voldoende duidelijk hebben neergelegd dat zowel bij constatering van het strijdig gebruik van de bedrijfsruimte na 1 september 2000 als bij vaststelling van het gebruik van de inpandige woonruimte anders dan als agrarische dienstwoning een dwangsom wordt verbeurd van ƒ 50.000 ineens. De stelling dat geen maximum is bepaald faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd581dfe327e6e3ec2b34e090b4fd936444b271b162ed9dfebcee5aefd434aa3, en de alinea staat in dat document op bytes 7504 tot 8942.