Citaat | Raad van State 10 juli 2002

Alinea 22 Raad van State 10 juli 2002

Een alinea uit Raad van State 10 juli 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE5078.

2.1.1. Niet is gebleken dat de vertegenwoordiger van appellant ter zitting bij de rechtbank tot meer bevoegd was dan het voeren van het woord namens appellant; met name is niet gebleken dat de vertegenwoordiger de bevoegdheid bezat de beslissingen op bezwaar in te trekken en na wijziging van de Regeling tegemoetkoming schade bij tweede extreem zware regenval 1998, Stcrt. 244 (hierna: de WTS2-regeling) opnieuw op de bezwaarschriften te beslissen. Dat genoemde vertegenwoordiger enige indicatie heeft gegeven van het in de toekomst door appellant in te nemen standpunt maakt dit niet anders. Voor de [verzoekers] bepleite niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep bestaat geen aanleiding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bef75e0e292a507ed741dfbf78a85376294498a9c0a7fb349300af784758ae17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bef75e0e292a507ed741dfbf78a85376294498a9c0a7fb349300af784758ae17, en de alinea staat in dat document op bytes 8388 tot 9105.