Citaat | Raad van State 24 juli 2002

Alinea 48 Raad van State 24 juli 2002

Een alinea uit Raad van State 24 juli 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE5780.

2.9. Bij beoordeling van de vraag of het door appellante aan te bieden programma bijdraagt aan verscheidenheid en vernieuwing, begrippen die een zekere mate van subjectiviteit in zich dragen, heeft de staatssecretaris zich laten adviseren door een deskundige, te weten de Raad voor cultuur. Hij heeft voorts acht geslagen op de opmerkingen die het Commissiariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat) heeft gemaakt bij de aanvraag en op het advies van de NOS. Deze adviezen zijn door de rechtbank terecht terughoudend getoetst, waarbij deze heeft beoordeeld of zij op zorgvuldige wijze tot stand gekomen zijn en of de afwijzing van de staatssecretaris mede op deze adviezen mocht worden gebaseerd. Het betoog van appellante dat de rechtbank de rol van de voorbereidende commissie uit de Raad voor cultuur niet voldoende gedetailleerd heeft onderzocht, slaagt niet. De rechtbank heeft terecht overwogen dat het advies van de voltallige Raad voor cultuur afkomstig is, waaraan nog kan worden toegevoegd dat de Raad ad hoc van externe deskundigen gebruik gemaakt heeft. Van onzorgvuldigheid in de totstandkoming van dit advies is ook overigens niet gebleken. Er is voorts geen grond voor het oordeel dat de staatssecretaris zich niet mede op de opmerkingen van het Commissariaat heeft kunnen baseren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9310fc4d8f8cd8d72cde077ad990bb14e9a4054d85b49a5ed3b965b6e5424598. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9310fc4d8f8cd8d72cde077ad990bb14e9a4054d85b49a5ed3b965b6e5424598, en de alinea staat in dat document op bytes 19444 tot 20761.