Citaat | Raad van State 20 november 2002

Alinea 34 Raad van State 20 november 2002

Een alinea uit Raad van State 20 november 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AF0836.

Onder verwijzing naar een deskundigenrapport, dat bij het beroepschrift is gevoegd, heeft appellant gesteld dat in de afvoersloot en de buffervijvers een normaal ecosysteem bestaat. Ter zitting heeft appellant gesteld dat inmiddels ook met betrekking tot de afvoervijver onderzoeksgegevens bekend zijn. Daaruit zou blijken dat ook de afvoervijver kan worden beschouwd als een compleet, natuurlijk ecosysteem, dat vergelijkbaar is met ecosystemen die op vele plaatsen in Nederland zijn aan te treffen. Gesteld noch gebleken is dat deze stellingen van appellant onjuist zijn. Bovendien is de Laarakkersche Waterleiding, naar ook niet in geschil is, een oppervlaktewater in de zin van de Wvo. De buffervijvers staan hiermee in verbinding en de afvoersloot en afvoervijver staan in verbinding met de buffervijvers. Gelet op deze omstandigheden komt de Afdeling tot het oordeel dat de afvoersloot, de buffervijvers en de afvoervijver moeten worden aangemerkt als oppervlaktewater in de zin van de Wvo. Mitsdien is geen vergunning krachtens de Wvo vereist voor het afstromen van water vanuit de afvoervijver in de Maas.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65a9ec721d376a665f6149c57a22ec99116357c0a716d347f231c9d4be02fb23. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65a9ec721d376a665f6149c57a22ec99116357c0a716d347f231c9d4be02fb23, en de alinea staat in dat document op bytes 14374 tot 15504.