Citaat | Raad van State 4 december 2002

Alinea 27 Raad van State 4 december 2002

Een alinea uit Raad van State 4 december 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AF1480.

2.2. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden overwogen dat appellanten de aanvraag van D-Reizen ten onrechte niet hebben getoetst aan het bepaalde in artikel 4.4.2, derde lid, van de APV. Niet is gebleken dat zij hebben beoordeeld of in dit geval de Woningwet een bouwvergunning voor de betreffende reclame-objecten voorschrijft. Het standpunt van appellanten dat in dit geval geen sprake is van overlappende regelgeving, nu de APV een specifiek welstandsdoel nastreeft ten opzichte van de Woningwet, doet hier niet aan af. Anders dan appellanten menen, is het welstandstoezicht in het kader van de Woningwet niet beperkt tot toetsing van de bouwkundige elementen. Nu eerdergenoemde beoordeling ontbreekt, berust de beslissing op het bezwaar, voor zover daarbij de weigering om vergunning te verlenen is gehandhaafd, niet op een draagkrachtige motivering. Hieruit volgt voorts dat appellanten zich vooralsnog ten onrechte bevoegd hebben geacht tot het opleggen van de last onder dwangsom. De beslissing op bezwaar kan in zoverre niet in stand blijven. De rechtbank is tot dezelfde slotsom gekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e763e5eb7ac371ef187d7a9a7abcbba2b1d56bbb9a644399c9d93dc1fdf2168. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e763e5eb7ac371ef187d7a9a7abcbba2b1d56bbb9a644399c9d93dc1fdf2168, en de alinea staat in dat document op bytes 7534 tot 8654.