Citaat | Raad van State 7 mei 2003
Alinea 39 Raad van State 7 mei 2003
Een alinea uit Raad van State 7 mei 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AF8313.
2.5.2.1. Ten aanzien van de primaire stelling van appellant, overweegt de Afdeling als volgt. Uit de stukken blijkt dat het plan na vaststelling door de gemeenteraad op 22 mei 2001, in overeenstemming met het bepaalde in artikel 26 van de WRO, met ingang van 15 juni 2001 voor de duur van vier weken ter inzage heeft gelegen. Op grond van artikel 27, eerste lid, van de WRO kunnen gedurende deze termijn van vier weken bedenkingen bij verweerder worden ingebracht. De termijn voor het indienen van bedenkingen tegen het plan eindigde dus op 12 juli 2001. Blijkens de stukken is het faxapparaat van verweerder op 13 juli 2001 om 00.01 uur begonnen met ontvangen van de bedenkingen van appellant, zodat het standpunt van verweerder dat de bedenkingen van appellant buiten de wettelijke termijn zijn ingediend juist is. Gelet hierop dient de primaire stelling van appellant te worden verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee96e348cee65c1a30a05b6502e6d3bd089306a6e9ee025a4ecb62da3f75bf32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee96e348cee65c1a30a05b6502e6d3bd089306a6e9ee025a4ecb62da3f75bf32, en de alinea staat in dat document op bytes 13260 tot 14167.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee96e348cee65c1a30a05b6502e6d3bd089306a6e9ee025a4ecb62da3f75bf32 | shasum -a 256