Citaat | Raad van State 16 juni 2004

Alinea 38 Raad van State 16 juni 2004

Een alinea uit Raad van State 16 juni 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AP1595.

2.9. Het toepassen van uitwerkingsregels die zijn neergelegd in het bestemmingsplan is een verplichting. Slechts bijzondere omstandigheden kunnen ertoe leiden dat aan deze verplichting kan worden voorbijgegaan. Het voorgaande brengt met zich dat door het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan de aanvaardbaarheid van de bestemming “(uit te werken) Woondoeleinden” in beginsel als een gegeven moet worden beschouwd. Deze verplichting tot uitwerking neemt niet weg dat bij de inrichting van het uitwerkingsplan zoveel mogelijk rekening moet worden gehouden met het belang van de bewoners van de woonwijk bij een goed woon- en leefklimaat. Naar het oordeel van de Afdeling had het op de weg van het college van burgemeester en wethouders gelegen onderzoek te verrichten naar de mogelijkheden om het uitwerkingsplan op een zodanige wijze in te richten, dat niet wordt voorzien in de mogelijkheid bebouwing op te richten binnen een afstand van 600 meter, gemeten vanaf de meest zuidelijk gelegen ventilatie-uitlaat op de nok van de meest zuidwestelijk gelegen stal op het perceel van appellant. Verweerder heeft dit miskend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/096fe6db6b704263a5aa61d8b38cf4b4d78a116e19f860c9815763a1ec59312f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 096fe6db6b704263a5aa61d8b38cf4b4d78a116e19f860c9815763a1ec59312f, en de alinea staat in dat document op bytes 14853 tot 16000.