Citaat | Raad van State 16 juni 2004

Alinea 49 Raad van State 16 juni 2004

Een alinea uit Raad van State 16 juni 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AP1601.

2.17. Appellanten sub 3 en appellante sub 4 hebben voorts betoogd dat de rechtbank gebruik had moeten maken van de bevoegdheid om op basis van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb zelf in de zaak te voorzien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a9d20d4b7993ca5fe64c387c1a9ad962873a92cdd070a2087045c685a75029e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a9d20d4b7993ca5fe64c387c1a9ad962873a92cdd070a2087045c685a75029e, en de alinea staat in dat document op bytes 18894 tot 19122.