Citaat | Raad van State 23 juni 2004
Alinea 35 Raad van State 23 juni 2004
Een alinea uit Raad van State 23 juni 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AP3399.
2.5. Het betoog van appellant dat de rechtbank ten onrechte niet heeft geoordeeld dat het college hem nadeelcompensatie had moeten toekennen, faalt evenzeer. Nu appellant het verzoek om nadeelcompensatie in zijn bezwaarschriften, strekkend tot vernietiging van de besluiten I en II, heeft opgenomen, kan dit verzoek niet anders worden begrepen dan als een verzoek om het toekennen van nadeelcompensatie in het kader van artikel 3:4, tweede lid, van de Awb. Het rechtsbeginsel van gelijkheid voor de openbare lasten biedt daarvoor, anders dan appellant betoogt, geen grondslag. Het college heeft zich, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, bij de bestreden beslissingen op bezwaar terecht op het standpunt gesteld dat voor het toekennen van nadeelcompensatie geen grond is. Niet valt in te zien waarom de kosten van de vereiste brandveiligheidsvoorzieningen niet door appellant moeten worden gedragen, nu deze niet buiten het normale ondernemersrisico vallen. Het college was dan ook gerechtigd tot sluiting van het hotelgedeelte over te gaan zonder het omzetverlies als gevolg van die sluiting te compenseren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9606cd7f327942bc363ddc18765e80fe48f5ed99b21eb7f07be88744fc24d510. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9606cd7f327942bc363ddc18765e80fe48f5ed99b21eb7f07be88744fc24d510, en de alinea staat in dat document op bytes 14276 tot 15403.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9606cd7f327942bc363ddc18765e80fe48f5ed99b21eb7f07be88744fc24d510 | shasum -a 256