Citaat | Raad van State 30 juni 2004
Alinea 27 Raad van State 30 juni 2004
Een alinea uit Raad van State 30 juni 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AP4641.
Appellante heeft op 18 juni 2003 van de instemming van rechtswege kennis genomen door middel van de kennisgeving in het Amsterdams Stadsblad. Deze kennisgeving bevat een aantal onduidelijkheden en vermeldt verder abusievelijk dat tegen het besluit-van-rechtswege binnen zes-weken bezwaar (eenmaal abusievelijk aangeduid als goedkeuring) kon worden gemaakt te rekenen vanaf 2 mei 2003 in plaats van 3 mei 2003. Dit neemt echter niet weg dat uit de kennisgeving voldoende duidelijk blijkt dat de zes wekentermijn ten tijde van de publicatie van de kennisgeving reeds was verstreken. De Afdeling overweegt dat appellante, door pas op 11 juli 2003 bezwaar te maken, dit bezwaarschrift niet zo spoedig mogelijk als redelijkerwijs van haar kan worden verlangd, heeft ingediend. Niet valt in te zien waarom door appellante niet eerder een (pro-forma) bezwaarschrift kon worden ingediend. Naar het oordeel van de Afdeling kan daaraan niet afdoen dat appellante, zoals zij ter zitting heeft verklaard, enige tijd nodig heeft gehad om zich in de omstandigheden van het geval te verdiepen. De stelling dat appellante redelijkerwijs niet in verzuim is geweest, moet dan ook worden verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3578aff3a30ffa7a17b351e6749fc074a9cd2445225be381f7d786b5cec6d8e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3578aff3a30ffa7a17b351e6749fc074a9cd2445225be381f7d786b5cec6d8e, en de alinea staat in dat document op bytes 11597 tot 12793.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c3578aff3a30ffa7a17b351e6749fc074a9cd2445225be381f7d786b5cec6d8e | shasum -a 256