Citaat | Raad van State 11 mei 2005

Alinea 38 Raad van State 11 mei 2005

Een alinea uit Raad van State 11 mei 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AT5347.

2.6. Appellanten betogen dat het in werking zijn van de inrichting zoals vergund zal leiden tot onaanvaardbare (cumulatieve) stankhinder. In dit verband voeren zij aan dat verweerder ten onrechte de omrekeningsfactoren uit de Regeling stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelings- en verwevingsgebieden (hierna: de Regeling) heeft gebruikt in plaats van die uit de Richtlijn veehouderij en stankhinder 1996 (hierna: de Richtlijn). Zij stellen dat bij toepassing van de Richtlijn geconcludeerd moet worden dat niet aan de aan te houden afstanden wordt voldaan en dat bovendien de afstand tot de woning [locatie 1] te kort is om onaanvaardbare cumulatieve stankhinder te kunnen voorkomen. Appellanten voeren in dit kader aan dat verweerder deze woning ten onrechte heeft gerangschikt onder categorie IV als bedoeld in de brochure Veehouderij en Hinderwet 1985 (hierna: de brochure).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fba1e01cdbb38d6e8d1b786bb358b81dce6771b2147403811ec70363e806f48f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fba1e01cdbb38d6e8d1b786bb358b81dce6771b2147403811ec70363e806f48f, en de alinea staat in dat document op bytes 14909 tot 15814.