Citaat | Raad van State 24 mei 2006

Alinea 32 Raad van State 24 mei 2006

Een alinea uit Raad van State 24 mei 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AX4382.

2.2. De Minister heeft aan zijn bij het besluit van 4 augustus 2004 gehandhaafde beslissing om ten aanzien van appellante de verklaring van geen bezwaar te weigeren, ten grondslag gelegd dat uit het naar appellante ingestelde veiligheidsonderzoek een complex van persoonlijke gedragingen is gebleken, als bedoeld in artikel 7, tweede lid, aanhef en onder d, van de Wet, waarbij voor elk van deze gedragingen verschillende bronnen zijn aan te wijzen die de gedraging onafhankelijk van elkaar naar voren hebben gebracht. Aangezien voorts de omgang met vertrouwelijke gegevens uit opsporingsonderzoeken met betrekking tot de georganiseerde criminaliteit een wezenlijk onderdeel vormt van de functie van administratief medewerker bij het Kernteam van de Regiopolitie Amsterdam-Amstelland, acht de Minister bij de vervulling van deze functie door appellante een veiligheidsrisico aanwezig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/515d0a75296f0bf6ba8678a5f5434f3fa565e86d2e68171808b2629f6e1291fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 515d0a75296f0bf6ba8678a5f5434f3fa565e86d2e68171808b2629f6e1291fa, en de alinea staat in dat document op bytes 9913 tot 10815.