Citaat | Raad van State 4 april 2007

Alinea 25 Raad van State 4 april 2007

Een alinea uit Raad van State 4 april 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA2198.

Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak van 23 maart 2005 in zaak no. 200406181/1 , geeft de vraag of een proceskostenveroordeling moet worden uitgesproken onvoldoende aanleiding om tot een inhoudelijke beoordeling van de zaak over te gaan. Indien, afgezien van de vraag of aanleiding bestaat tot een proceskostenveroordeling over te gaan, geen belang meer bestaat bij een beoordeling van de zaak, dient het hoger beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard. Vervolgens moet worden bezien of in de omstandigheden van het geval, en in het bijzonder in de reden voor het vervallen van het procesbelang, grond is gelegen om over te gaan tot een proceskostenveroordeling. Een dergelijke grond kan zijn gelegen in de omstandigheid dat het bestuursorgaan aan de appellant is tegemoetgekomen. Met toepassing van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) is dan een proceskostenveroordeling mogelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc3c8dff0c33becfde7a54ce8b480236cd1ac68f3d93680709d2f92259c651c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc3c8dff0c33becfde7a54ce8b480236cd1ac68f3d93680709d2f92259c651c0, en de alinea staat in dat document op bytes 8531 tot 9628.