Citaat | Raad van State 4 april 2007

Alinea 736 Raad van State 4 april 2007

Een alinea uit Raad van State 4 april 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA2226.

Ook anderszins hebben appellanten niet aannemelijk gemaakt, noch is anderszins gebleken, dat het plan op dit punt zal leiden tot onevenredige aantasting van natuurwaarden in de omgeving. Uit de in artikel 1 van de Rwc gegeven definitie van verwevingsgebied volgt immers dat in gebieden die als zodanig zijn aangemerkt nieuwvestiging niet en uitbreiding en hervestiging van een intensieve veehouderij slechts mogelijk is, indien de ruimtelijke kwaliteit of de functies van het gebied zich daar niet tegen verzetten. De mogelijkheid tot uitbreiding en hervestiging is in het plan niet nader geconcretiseerd door het toekennen van rechtstreekse uitbreidingsmogelijkheden aan bestaande bedrijven of het aanwijzen van hervestigingslocaties. De nadere concretisering van het in het reconstructieplan opgenomen beleid voor verwevingsgebieden kan plaatsvinden in de bestemmingsplannen voor deze gebieden. In dat kader dient getoetst te worden aan de op dat moment geldende natuurwetgeving waarbij de door appellanten genoemde gevolgen voor natuurgebieden in de omgeving een rol kunnen spelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33bdf6928b358e83eb44575fe50dabdbbc6320ad3f61dc4ce63c771248943035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33bdf6928b358e83eb44575fe50dabdbbc6320ad3f61dc4ce63c771248943035, en de alinea staat in dat document op bytes 204535 tot 205632.