Citaat | Raad van State 29 maart 2007

Alinea 26 Raad van State 29 maart 2007

Een alinea uit Raad van State 29 maart 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA2713.

2.3.1. De rechtbank heeft in de aangevallen uitspraak overwogen dat er concrete aanknopingspunten bestaan om aan de juistheid van de conclusies van de taalanalyse te twijfelen en dat de minister zich, blijkens de door de vreemdeling overgelegde jurisprudentie, onvoldoende heeft vergewist van de deskundigheid van de taalanalist met code KIN 2. Daarbij heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat het Swahili noch het Kirundi de moedertaal van deze taalanalist is, dat niet is gebleken dat hij een academische studie heeft gevolgd die met goed gevolg is afgerond, dat onduidelijk is welke studie hij heeft genoten en aan welk instituut deze studie is gevolgd en evenmin duidelijk is op welke wijze deze taalanalist zijn kennis over Burundi heeft vergaard, nu niet is gebleken dat hij een relatie heeft met dat land of aldaar woonachtig is geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aad3f52a1331ec57139634a78fd03365a7937a5be275cb32a5a3b6f08069ab27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aad3f52a1331ec57139634a78fd03365a7937a5be275cb32a5a3b6f08069ab27, en de alinea staat in dat document op bytes 10720 tot 11581.