Citaat | Raad van State 27 juni 2007

Alinea 23 Raad van State 27 juni 2007

Een alinea uit Raad van State 27 juni 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA8122.

2.2.2. Appellant stelt dat [gemachtigde] aan hem heeft gemeld dat de gevraagde bouwvergunning was verleend en dat hij zo spoedig mogelijk nadat hij ervan op de hoogte is gekomen dat de bouwvergunning was geweigerd, daartegen bezwaar heeft gemaakt. De omstandigheid dat appellant onjuist zou zijn ingelicht door [gemachtigde] omtrent de beslissing terzake van de bouwvergunning geeft echter geen grond voor het oordeel dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant in verzuim is geweest ten aanzien van het door hem na afloop van de termijn ingediende bezwaarschrift. Deze omstandigheid dient voor rekening en risico van appellant te komen. Nu aldus sprake is van een termijnoverschrijding die niet verschoonbaar kan worden geacht, had het college het door appellant tegen het besluit van 25 april 2005 gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk dienen te verklaren. De rechtbank heeft dat ten onrechte niet onderkend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b03dd2ef84b5ed91298f8e36d9f2af60507f908c44e90ac7fd637bb97275a4c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b03dd2ef84b5ed91298f8e36d9f2af60507f908c44e90ac7fd637bb97275a4c, en de alinea staat in dat document op bytes 7363 tot 8304.