Citaat | Raad van State 27 juni 2007

Alinea 30 Raad van State 27 juni 2007

Een alinea uit Raad van State 27 juni 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA8147.

Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij ten gevolge van het besluit tot vaststelling van het inrichtingsplan schade heeft geleden. Dat appellant vreest dat hij van het project "Afwateringskanaal midden", voor zover hier van belang, nadelige effecten en daarmee schade zal ondervinden in de vorm van overlast van het overwaaien van onkruid en andere ziektedruk, alsmede gebruiksbeperkingen ter zake van het uitrijden van mest, maakt dit niet anders. Met de rechtbank is de Afdeling van oordeel dat gedeputeerde staten zich in redelijkheid op het standpunt hebben kunnen stellen dat er geen grond bestond om op voorhand te voorzien in schadevergoeding. Voor zover appellant schade mocht ondervinden van het inrichtingsplan, kan hij een beroep doen op de nadeelcompensatieverordening van de provincie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/995202b79438409376d1c4962510f758c88ae1643465e3965ad81ae09cb86d5b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 995202b79438409376d1c4962510f758c88ae1643465e3965ad81ae09cb86d5b, en de alinea staat in dat document op bytes 12972 tot 13798.