Citaat | Raad van State 3 oktober 2007

Alinea 27 Raad van State 3 oktober 2007

Een alinea uit Raad van State 3 oktober 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BB4716.

Daarnaast had de rechtbank op grond van de eisen van een goede procedure partijen op de zitting of anderszins in de gelegenheid moeten stellen zich uit te laten over het rechtskarakter van de brief van 18 februari 2004, alvorens een uitspraak te doen, waaruit blijkt dat haar oordeel daarover beslissend is geweest. Daaraan doet niet af, dat de rechtbank zich ambtshalve gesteld zag voor de vraag in hoeverre die brief een besluit behelst in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Uit de stukken, waaronder het proces-verbaal van de in eerste aanleg gehouden zitting, kan worden afgeleid dat partijen die gelegenheid niet is geboden, zodat ook dit verwijt van appellante slaagt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cf2cdec9ce993ec06bf1cfbf563426ce242c7046ca30d24775fb7f07c395e85. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cf2cdec9ce993ec06bf1cfbf563426ce242c7046ca30d24775fb7f07c395e85, en de alinea staat in dat document op bytes 11814 tot 12520.