Citaat | Raad van State 4 maart 2009

Alinea 61 Raad van State 4 maart 2009

Een alinea uit Raad van State 4 maart 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH4621.

In dit geding is ten aanzien van de genoemde reistijd niet duidelijk of sprake is van "het ter beschikking staan van de werkgever" in de zin van de definitie uit artikel 2, eerste lid, van de richtlijn. Nog los van de vraag hoe dit begrip moet worden uitgelegd, ziet de Afdeling zich gesteld voor de vraag of in dit geval kan worden geoordeeld dat de Atw door middel van richtlijnconforme uitleg voldoende grondslag biedt om een bestuurlijke boete op te leggen aan Mandemakers. In dit verband wijst zij op voormeld arrest van het Hof van Justitie in de zaak Kolpinghuis, waaruit volgt dat richtlijnconforme uitleg van bepalingen van nationaal strafrecht zijn begrenzing vindt in de algemene rechtsbeginselen die deel uitmaken van het Gemeenschapsrecht, met name het rechtszekerheidsbeginsel en het verbod van terugwerkende kracht. Deze uitspraak is, wat betreft niet volledig omgezette richtlijnen, bevestigd in de uitspraak van het Hof van Justitie van 26 september 1996 in zaak C-168/95, Arcero (Jurispr. 1996, blz. I-04705). Hoewel het in het onderhavige geval niet gaat om bepalingen van nationaal strafrecht, zoals in de zaken Kolpinghuis en Arcero, maar om bepalingen die zien op het opleggen van een bestuurlijke boete, gaat de Afdeling er vanuit dat het oordeel van het Hof van Justitie ook in onderhavig geval van toepassing is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9da49f6d7c12f1c8b8db9215ef7bf424ed3bda6efc9b5a7e4bc13d3859b7250c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9da49f6d7c12f1c8b8db9215ef7bf424ed3bda6efc9b5a7e4bc13d3859b7250c, en de alinea staat in dat document op bytes 23342 tot 24692.