Citaat | Raad van State 18 maart 2009
Alinea 29 Raad van State 18 maart 2009
Een alinea uit Raad van State 18 maart 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH6321.
2.4.1. De betogen falen. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden overwogen dat het college bij het nemen van het besluit op bezwaar, bij gebreke van een besluit in de brief van 29 juni 2007, niet meer kon toekomen aan een inhoudelijke beoordeling van de feiten en omstandigheden die ten grondslag zijn gelegd aan het beroep op vrijstelling van de verplichting om te zorgen dat [namen kinderen] als leerlingen van een school of een instelling zijn ingeschreven. De rechtbank heeft voorts met recht overwogen dat, nu de mededeling niet op enig rechtsgevolg is gericht, daarbij ook geen burgerlijk recht of burgerlijke verplichting aan de orde is, zodat het daarop betrekking hebbende onderdeel van artikel 6 van het EVRM respectievelijk artikel 14 van het IVBPR hierop niet van toepassing is. De toegang tot de rechter is voor [appellanten] verzekerd, indien tegen hen een proces-verbaal wordt opgemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/013eec6f24f51c2ac892023049835289ac53da09fd427ab4ddf14ef145090095. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 013eec6f24f51c2ac892023049835289ac53da09fd427ab4ddf14ef145090095, en de alinea staat in dat document op bytes 12892 tot 13814.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/013eec6f24f51c2ac892023049835289ac53da09fd427ab4ddf14ef145090095 | shasum -a 256