Citaat | Raad van State 5 augustus 2009

Alinea 33 Raad van State 5 augustus 2009

Een alinea uit Raad van State 5 augustus 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BJ4607.

2.6. [appellant] heeft betoogd dat hij voorafgaand aan de ontvangst van het tegen de afwijzing van de aanvraag van 29 juli 2003 ingediende bezwaarschrift van 15 januari 2004, spanning en frustratie als bedoeld in de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, heeft ondervonden en dat de redelijke termijn is overschreden. Daartoe heeft hij aangevoerd dat hij de aanvraag van 29 juli 2003 uitsluitend heeft ingediend omdat de minister de aanvraag van 10 februari 2003 bij besluit van 23 april 2003 buiten behandeling had gesteld en hij niet zeker wist of het daartegen ingediende bezwaarschrift van 26 mei 2003 gegrond zou worden verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74db349a8d60bb7112cd0b36fa7271d3e0cf2128fe7d1162750b8fb5105cea61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74db349a8d60bb7112cd0b36fa7271d3e0cf2128fe7d1162750b8fb5105cea61, en de alinea staat in dat document op bytes 12056 tot 12730.