Citaat | Raad van State 7 oktober 2009

Alinea 29 Raad van State 7 oktober 2009

Een alinea uit Raad van State 7 oktober 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BJ9521.

In het door twee brigadiers van de regiopolitie Kennemerland, district Haarlem, basisteam centrum-zuidwest, op ambtsbelofte en een inspecteur van die regiopolitie op ambtseed opgemaakt proces-verbaal nr. PL1228/08-511056 hebben deze politieambtenaren vermeld dat naar aanleiding van de overtreding van de handelsvoorraad van 500 gram in de coffeeshop en de mededeling van [wederpartij] dat in de bovengelegen ruimten kilo's softdrugs aanwezig waren, door de officier van justitie, na toestemming van [wederpartij], is overgegaan tot doorzoeking van het hele pand. Op de eerste en tweede etage werden in diverse ruimten grote hoeveelheden en soorten softdrugs aangetroffen. Het totale gewicht softdrugs bedroeg 75 kilo en 393 gram en deze drugs zijn, met verpakking en materialen, in beslag genomen. Dat dit proces-verbaal eerst tien maanden na de gebeurtenissen is opgemaakt, zoals [wederpartij] heeft gesteld, betekent niet dat niet van de juistheid mag worden uitgegaan. Uit de door de politie korte tijd na 19 maart 2008 opgestelde "Goederenlijst in beslagname" volgde ook al het gewicht van alle in beslag genomen drugs. [wederpartij] is in de gelegenheid gesteld zijn commentaar te geven op de goederenlijst. De Afdeling ziet in dat geleverde commentaar echter geen voldoende tegenbewijs dat noopt tot afwijking van het uitgangspunt dat wordt uitgegaan van de juistheid van het gewicht zoals omschreven in het hiervoor weergegeven proces-verbaal van de politie. Daarbij acht de Afdeling mede van belang dat [wederpartij] tijdens het zienswijzegesprek heeft verklaard dat hij slordig is geweest met het bijhouden van de voorraad en dat uit het rapport van de Belastingdienst blijkt dat [wederpartij] geen administratie bijhield van de voorraden die werden bewaard op de bovenverdieping. De weging door de politie en de vernietiging van de aangetroffen softdrugs hebben onder de verantwoordelijkheid van de officier van justitie in het kader van de strafvervolging plaatsgevonden. Dat [wederpartij] bij de weging niet aanwezig heeft kunnen zijn, vormt geen reden om aan de juistheid van de uitvoering daarvan te twijfelen. Een dergelijke aanwezigheid is overigens in het kader van de strafprocedure ook niet gebruikelijk. Anders dan [wederpartij] ter zitting bij de Afdeling heeft betoogd, lag het niet op de weg van de burgemeester om nog eigen onderzoek te doen naar de hoeveelheid aangetroffen drugs.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0402a5d20dea144cd07901fefa9eb6108a112a7243505198caf30e1bf6ea0482. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0402a5d20dea144cd07901fefa9eb6108a112a7243505198caf30e1bf6ea0482, en de alinea staat in dat document op bytes 12560 tot 14979.