Citaat | Raad van State 5 januari 2010
Alinea 21 Raad van State 5 januari 2010
Een alinea uit Raad van State 5 januari 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BK9629.
2.1. In haar vierde grief klaagt de vreemdeling, voor zover thans van belang, dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat haar beroep op artikel 15, aanhef en onder c, van de richtlijn 2004/83/EG van 29 april 2004 inzake minimumnormen voor de erkenning van onderdanen van derde landen en staatlozen als vluchtelingen of als personen die anderszins internationale bescherming behoeven, en de inhoud van de verleende bescherming van de Raad van de Europese Unie (hierna: de richtlijn) faalt. Onder verwijzing naar het rapport van de United Nations High Commissioner for Refugees (hierna: de UNHCR) van april 2009 "UNHCR eligibility guidelines for assessing the international protection needs of Iraqi asylum seekers" betoogt zij dat in Bagdad sprake is van een uitzonderlijke situatie, waarin de mate van geweld in het aan de gang zijnde conflict aldaar dermate hoog is dat zwaarwegende gronden bestaan om aan te nemen dat een burger die daarnaar zou terugkeren alleen al vanwege zijn aanwezigheid in dat gebied een reëel risico zou lopen op ernstige schade, als bedoeld in voormeld artikel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de32ef02640eb9209724b61ee628957c75fc3edb9f39a4bc17b2fa1cdf20ad2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de32ef02640eb9209724b61ee628957c75fc3edb9f39a4bc17b2fa1cdf20ad2e, en de alinea staat in dat document op bytes 7069 tot 8178.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de32ef02640eb9209724b61ee628957c75fc3edb9f39a4bc17b2fa1cdf20ad2e | shasum -a 256