Citaat | Raad van State 24 februari 2010
Alinea 33 Raad van State 24 februari 2010
Een alinea uit Raad van State 24 februari 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BL5341.
2.4. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (bijvoorbeeld uitspraak van 1 april 2009 in zaak nr. 200803995/1 en van 22 juli 2009 in zaak nr. 200808884/1/H2 ), vloeit uit het bepaalde in artikel 16, eerste lid, in samenhang gelezen met het vierde lid (tot 1 januari 2007 derde lid), van de Awir, voort dat aan de verlening van een voorschot niet het gerechtvaardigd vertrouwen kan worden ontleend dat een met dat voorschot overeenkomende aanspraak op toeslag bestaat. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van deze bepaling (Kamerstukken II, vergaderjaar 2004/05, 29 764, nr. 3, p. 48 en 49) kan worden afgeleid dat bedoeld is dat een verleend voorschot kan worden herzien, indien na verlening blijkt dat dit tot een hoger of lager bedrag is toegekend, dan dat waarop de tegemoetkoming vermoedelijk zal worden vastgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7211a2102aefed2b789847337ae94c6f1cae8f8ea858e05c056f7bae3acb654. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7211a2102aefed2b789847337ae94c6f1cae8f8ea858e05c056f7bae3acb654, en de alinea staat in dat document op bytes 9734 tot 10901.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e7211a2102aefed2b789847337ae94c6f1cae8f8ea858e05c056f7bae3acb654 | shasum -a 256