Citaat | Raad van State 24 maart 2010
Alinea 26 Raad van State 24 maart 2010
Een alinea uit Raad van State 24 maart 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BL8721.
2.4. De burgemeester betoogt, mede onder verwijzing naar de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, dat de voorzieningenrechter heeft miskend dat deze bepaling hem ten aanzien van woningen dezelfde bevoegdheid geeft als die hij reeds heeft ten aanzien van lokalen. De bestendige jurisprudentie van de Afdeling over de persoonlijke verwijtbaarheid van de exploitant van lokalen dient derhalve analoog te worden toegepast op de situatie waarin het gaat om een eigenaar van een woning die wordt gesloten op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, aldus de burgemeester. De door de voorzieningenrechter genoemde omstandigheden die zien op de situatie van [verhuurder] zijn onvoldoende om aan te nemen dat vorengenoemde jurisprudentie in dit geval niet van toepassing is. Deze omstandigheden doen zich immers ook voor bij een sluiting van een lokaal op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, aldus de burgemeester.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0e321ce325c67a503d7310e2591c568ab773e60e0a68b39bbe6c79df14d6006. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0e321ce325c67a503d7310e2591c568ab773e60e0a68b39bbe6c79df14d6006, en de alinea staat in dat document op bytes 9266 tot 10254.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0e321ce325c67a503d7310e2591c568ab773e60e0a68b39bbe6c79df14d6006 | shasum -a 256