Citaat | Raad van State 5 januari 2011

Alinea 249 Raad van State 5 januari 2011

Een alinea uit Raad van State 5 januari 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BO9802.

2.37.1. Ingevolge artikel 4.5.2, aanhef en onder b, van de planregels mag ter plaatse van [locatie 14a] bij beëindiging van het gebruik van een gedeelte van de bebouwing als woning voor de rustende woning (lees: boer), de bebouwing gebruikt worden als vakantiewoning. [appellante sub 14] exploiteert het perceel ten behoeve van een veehouderij en kamperen bij de boer. Op 9 februari 1999 is met betrekking tot een gedeelte van het perceel [locatie 14a] een wijzigingsplan goedgekeurd ten behoeve van de huisvesting van de rustende boer. Op basis van dit wijzigingsplan heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente op 22 juni 1999 een bouwvergunning verleend voor het verbouwen van de ter plaatse gelegen bedrijfsruimte tot woning. Ingevolge de voorschriften van voornoemd wijzigingsplan mag de opstal - na beëindiging van het gebruik als woning voor de rustende boer - uitsluitend worden gebruikt voor agrarische bedrijfsdoeleinden dan wel als vakantiewoning. Voorts heeft de raad ter zitting gesteld dat ook op de afgegeven bouwtekening bij voornoemde bouwvergunning expliciet staat vermeld dat het een woning voor de rustende boer betreft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33e900aa4f87c1a06976b6c228f33d8b03a15ac37166ce315a796649daf21740. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33e900aa4f87c1a06976b6c228f33d8b03a15ac37166ce315a796649daf21740, en de alinea staat in dat document op bytes 101830 tot 103006.